Een gebouw kan goed geïsoleerd zijn en toch weinig slim. De verwarming staat aan in lege ruimtes, het licht brandt terwijl de zon schijnt en niemand merkt dat een pomp al weken stilstaat. Om dat zichtbaar te maken, heeft Europa de Smart Readiness Indicator bedacht: de SRI.
In deze blog leggen we uit wat de SRI is, waar hij nu staat, en hoe hij zich verhoudt tot het IT-Label.
Wat is de Smart Readiness Indicator?
De SRI is een Europese maatstaf voor hoe slim een gebouw zijn installaties regelt. Hij is vastgelegd in twee Europese verordeningen uit 2020 (2020/2155 en 2020/2156). De uitkomst is een score van 0 tot 100 procent, verdeeld over zeven klassen.
De SRI stelt drie vragen over een gebouw:
- Energie. Kan het gebouw zijn installaties zo regelen dat het niet meer energie gebruikt dan nodig?
- Gebruikers. Reageert het op de mensen die erin werken of wonen, met comfort, gezonde lucht en informatie?
- Energienet. Kan het meebewegen met het energienet, bijvoorbeeld door verbruik te verschuiven?
Die vragen worden beantwoord voor negen onderdelen van het gebouw: verwarming, warm tapwater, koeling, ventilatie, verlichting, de dynamische gebouwschil (zoals zonwering), elektriciteit, het laden van elektrische voertuigen, en monitoring en regeling.
Een heldere, onafhankelijke uitleg van de SRI, met de klassen, de methode en een rekenhulp, vind je op smartreadinessindicator.org.
Wordt de SRI verplicht?
Op dit moment is de SRI vrijwillig, in heel Europa. Dat verandert naar verwachting. De herziene Europese richtlijn voor de energieprestatie van gebouwen (Richtlijn (EU) 2024/1275) vraagt de Europese Commissie om uiterlijk 30 juni 2027 een besluit te nemen over verplichtstelling voor utiliteitsgebouwen met een vermogen voor verwarming, koeling en ventilatie boven 290 kW. Hoe die verplichting er precies uit gaat zien, ligt nog niet vast.
In Nederland is er geen officiële testfase geweest, wel een aantal pilots. De actuele stand per land houdt smartreadinessindicator.org bij. Meer over de regels rond IT en gebouwen lees je op onze pagina IT en regelgeving.
SRI en IT-Label: wat is het verschil?
De SRI en het IT-Label kijken allebei naar een slim gebouw, maar vanuit een andere hoek.
De SRI kijkt naar de installaties. Hoe slim worden verwarming, ventilatie, verlichting en laadpalen geregeld? Hoe goed reageren ze op gebruikers en op het energienet?
Het IT-Label kijkt naar de digitale infrastructuur. Is er een goede verbinding? Hoe goed zijn de bekabeling en de WiFi? Hoe zijn de netwerken ingericht en beveiligd? En kunnen de mensen in het gebouw er digitaal goed werken? Het IT-Label beoordeelt zes onderdelen: connectiviteit, infrastructuur, performance, schaalbaarheid, integratie en Smart Building. De uitkomst is een niveau van IT1+ tot IT5.
Kort gezegd: de SRI meet hoe slim het gebouw is. Het IT-Label meet het netwerk waarop die slimheid draait.
Waarom je allebei nodig hebt
Slimme installaties zijn afhankelijk van het netwerk. Een gebouwbeheersysteem dat op aanwezigheid regelt, sensoren die de bezetting meten, laadpalen die met het energienet meebewegen: ze sturen allemaal gegevens over het netwerk. Is dat netwerk instabiel, dan werkt de slimme regeling niet zoals bedoeld. En zitten die systemen op hetzelfde netwerk als de laptops van huurders, dan is dat een beveiligingsrisico. Lees daarover ook cybersecurity in slimme gebouwen.
Andersom geldt het ook: een pand met een uitstekend netwerk maar ouderwets geregelde installaties laat energie en comfort liggen.
Samen geven de SRI en het IT-Label daarom een compleet beeld van een slim en digitaal gebouw:
- SRI: hoe slim zijn de installaties?
- IT-Label: is de digitale basis goed genoeg om daarop te bouwen, voor de installaties én voor de mensen?
Wat kun je nu al doen?
De SRI is nog vrijwillig, maar het is slim om nu al voor te sorteren. Zeker als je eigenaar of beheerder bent van een groot utiliteitsgebouw.
- Breng de digitale basis in kaart. Met een voorinspectie of IT-Label audit weet je wat er ligt en hoe het presteert.
- Zorg voor een apart netwerk voor gebouwsystemen. Zie netwerksegmentatie.
- Neem het mee in je onderhoudsplan. Lees hoe je dat doet op onze pagina voor technisch managers.
- Combineer het met verduurzaming. Slimme regeling en een goed netwerk horen bij elkaar. Zie IT en duurzaamheid.
Meer over het IT-Label zelf lees je op Wat is het IT-Label? en op de officiële site it-label.com. Wil je weten waar jouw pand nu staat? Doe de gratis zelfscan.
Deze blog geeft een algemeen overzicht en is geen juridisch advies. De stand van de regels kan veranderen.