Iedereen in vastgoed kent het energielabel. Het IT-Label is bewust op dezelfde manier opgezet: één code die in een oogopslag laat zien hoe een pand ervoor staat. Toch meten ze heel verschillende dingen.
Wat meet het energielabel?
Het energielabel zegt iets over de energieprestatie van een gebouw. Hoe goed is het geïsoleerd? Hoe efficiënt zijn de installaties voor verwarming, koeling en ventilatie? Wordt er zelf energie opgewekt? Voor kantoren geldt bovendien een wettelijke ondergrens voor het energielabel.
Wat meet het IT-Label?
Het IT-Label zegt iets over de digitale infrastructuur. Kort gezegd: hoe goed kun je er werken met internet en IT? Het label kijkt naar zes onderdelen:
- Connectiviteit: welke aansluiting er is, met hoeveel capaciteit en of er een back-up is.
- Infrastructuur: bekabeling, WiFi en technische ruimtes.
- Performance: hoe het presteert onder echte belasting.
- Schaalbaarheid: of het kan meegroeien.
- Integratie: of gebouwsystemen met elkaar samenwerken.
- Smart Building: klimaat, toegang, camera's en reserveringen.
Het resultaat is een niveau van IT1+ (Premium) tot IT5 (Shell).
De belangrijkste verschillen
Verplicht of vrijwillig. Het energielabel is voor veel gebouwen wettelijk verplicht. Het IT-Label is vrijwillig. Eigenaren kiezen er zelf voor, omdat het iets laat zien waar huurders naar vragen.
Berekend of gemeten. Een energielabel wordt grotendeels berekend op basis van de eigenschappen van het gebouw. Bij het IT-Label wordt ook echt gemeten, ter plaatse en onder echte omstandigheden. Hoe snel is de WiFi in de hoek van de verdieping? Hoe stabiel is de verbinding als iedereen tegelijk videobelt?
Geldigheid. Een energielabel is tien jaar geldig. Een IT-Label twee jaar. Dat is geen toeval: digitale techniek veroudert veel sneller dan isolatie of een warmtepomp.
Oordeel. Het energielabel heeft een duidelijke richting: A is beter dan G, en voor kantoren is een slecht label een probleem. Het IT-Label zegt nadrukkelijk niet of een pand goed of slecht is. Het zegt wat er ligt. Voor een huurder die alles zelf wil inrichten, kan een casco pand met IT5 precies goed zijn.
Waar ze elkaar raken
De twee labels vullen elkaar aan, en op één punt overlappen ze: slimme gebouwsystemen. Een gebouwbeheersysteem dat klimaat regelt op basis van bezetting, bespaart energie. Het telt dus mee voor het energielabel. Maar het draait op het netwerk, en of het goed gekoppeld is, telt mee voor het IT-Label.
Wie een pand verduurzaamt, doet er dus goed aan om de digitale kant meteen mee te nemen. Lege kabelgoten meeleggen tijdens een verbouwing kost weinig. Achteraf breken kost veel.
Samen een compleet beeld
Een pand met een goed energielabel en een goed IT-Label is klaar voor de toekomst: duurzaam en digitaal. Voor huurders en beleggers zijn dat steeds vaker de twee vragen die ertoe doen.
Benieuwd hoe jouw pand er digitaal voor staat? Doe de zelfscan of lees hoe het IT-Label werkt.